 |
Faxen
Toont de faxinstellingen, zoals hieronder wordt beschreven.
 Opmerking:
|
Bij sommige apparaten wordt dit menu niet weergegeven.
|
Standaard
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Type verbinding
|
Geeft het type telefoonlijn aan.
|
|
Verbinding nummerweergave
|
Geeft aan of verbinding met nummerweergave gebruikt wordt.
|
|
Extern geschakeld nummer
|
Het invoernummer wanneer de buitenlijn gebruikt wordt. Dit onderdeel is alleen ingeschakeld wanneer PBX geselecteerd is voor Type verbinding.
|
|
Kiezen
|
Geeft de kieswijze aan.
|
|
Nummer (naam) binnen kantoor
|
Voer de naam in voor het eigen telefoonnummer.
|
|
Nummer (nummer) binnen kantoor
|
Voer het eigen telefoonnummer in.
|
|
Luidsprekervolume
|
Past het luidsprekervolume aan tijdens het telefoneren.
|
|
Taal afgedrukt faxrapport
|
Geeft aan in welke taal het faxrapport wordt afgedrukt.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Verbinding
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Type verbinding
|
Geeft het type faxverbinding aan: PSTN, PBX of F-Net.
|
|
Toegangscode
|
Geeft de toegangscode aan (1 tot 4 numerieke tekens). Deze functie is alleen beschikbaar als het type verbinding PBX is.
|
|
DRD
|
Geeft de DRD aan.
|
|
ECM
|
Schakelt de ECM in of uit.
|
|
Faxsnelheid
|
Geeft de faxsnelheid aan.
|
|
Kiestoondetectie
|
Schakelt kiestoondetectie in of uit.
|
|
Kiesmodus
|
Geeft de kiesmodus aan: toon of puls (10 pps, 20 pps).
|
|
Faxnummer weergeven
|
Geeft de functie voor faxnummerweergave aan.
|
|
Faxkop
|
Voer de naam van de faxkoptekst in (maximaal 20 tekens).
|
|
Uw telefoonnummer
|
Voer uw telefoonnummer in (maximaal 20 tekens).
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u eventuele wijzigingen.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Verzenden
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Automatisch opnieuw kiezen
|
Geeft aan hoe vaak opnieuw wordt geprobeerd wanneer de verbinding met de ontvanger bezet is.
|
|
Gegevens afzender
|
Wanneer deze instelling Aan staat, worden de datum, de dag van de week, de tijd, de naam van afzender, het telefoonnummer en het paginanummer (als een breuk) automatisch afgedrukt bovenaan de gegevens die verzonden worden.
|
|
Documentformaat met prioriteit
|
Geeft aan welk documentformaat moet worden gebruikt wanneer het apparaat niet zelf het formaat kan detecteren. Als u Geen selecteert, kan er een fout optreden.
|
|
Functie pc-fax
|
Geeft aan of de toepassing op de computer de fax-functie gebruikt.
|
|
Automatisch draaien
|
Geeft aan of de functie voor automatisch roteren moet worden geactiveerd of gedeactiveerd.
|
|
Verzenden verzamelen
|
Geeft aan of de functie voor verzameld verzenden moet worden geactiveerd of gedeactiveerd.
|
|
Storingsgegevens opslaan
|
Geeft aan of de functie voor het opslaan van foutgegevens moet worden geactiveerd of gedeactiveerd wanneer het verzenden is mislukt.
|
|
Aantal belsignalen
|
Geeft aan na hoeveel belsignalen wordt opgenomen tijdens het verzenden van een fax.
|
|
Interval voor automatisch opnieuw kiezen
|
Geeft het interval aan voor automatisch opnieuw kiezen.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Ontvangst
Standaard
Ontvangstinstellingen
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Papierbron
|
Geeft aan of het papier via de MP-lade, de standaard papiercassette of de optionele papiercassette van de printer wordt geladen. Als u Automatisch selecteert, wordt de papierbron gebruikt die papier bevat waarvan het papierformaat overeenkomt met de ontvangen fax.
|
|
Dubbelzijdig afdrukken
|
Zet dubbelzijdig afdrukken aan of uit voor de ontvangen fax.
|
|
Ontvangstmodus
|
Geeft de ontvangstmodus aan.
|
|
Automatisch omschakelen
|
De oproep wordt automatisch ontvangen door de aangesloten telefoon, en het toestel antwoordt automatisch nadat deze een bepaald aantal keren is overgegaan (zoals aangegeven in de instelling Time-out aangesloten telefoon).
|
|
Alleen fax
|
Het toestel antwoordt automatisch en ontvangt de fax.
|
|
Alleen telefoon
|
De oproep wordt ontvangen door de aangesloten telefoon. Er worden geen faxen ontvangen.
|
|
Antwoordapparaat
|
Wanneer een aangesloten telefoon een fax/telefoonsignaal ontvangt tijdens het beantwoorden van een andere oproep, wordt de fax automatisch door het toestel ontvangen.
|
|
Time-out aangesloten telefoon
|
Geeft aan hoe lang de telefoon overgaat voordat een time-out optreedt en het toestel automatisch antwoordt.
|
|
Aantal belsignalen (telefoon)
|
Geeft aan hoeveel keer de telefoon overgaat voordat een time-out optreedt en het apparaat automatisch antwoordt.
|
|
Automatisch verkleinen
|
Wanneer deze instelling op Aan staat, worden de afdrukgegevens die buiten het afdrukbare gebied vallen, verkleind. Als u Uit selecteert, worden de afdrukgegevens niet verkleind en vallen er mogelijk gegevens weg.
|
|
Bestemming ontvangen fax
|
Geeft de bestemming aan voor de ontvangen fax.
|
|
Afdrukken
|
De gegevens worden afgedrukt.
|
|
Map
|
De gegevens worden in de aangegeven map bewaard.
|
|
E-mail
|
De gegevens worden via e-mail als bijlage verstuurd.
|
|
Doorschakelen
|
De fax doorgestuurd wordt naar een opgegeven nummer doorgestuurd.
|
|
Doorschakelen naar faxnummer
|
Toont het faxnummer dat wordt gebruikt voor het doorsturen van faxen.
|
|
Ontvangst in geheugen inschakelen
|
Wanneer dit selectievakje is geselecteerd, worden de faxgegevens in het geheugen bewaard en niet afgedrukt.
|
|
Begintijd ontvangst in geheugen
|
Geeft aan wanneer Ontvangst in geheugen is ingeschakeld.
|
|
Eindtijd ontvangst in geheugen
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Ontvangst in geheugen
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Ontvangst in geheugen inschakelen
|
Wanneer dit selectievakje is geselecteerd, worden de faxgegevens in het geheugen bewaard en niet afgedrukt.
|
|
Begintijd ontvangst in geheugen
|
Geeft aan wanneer Ontvangst in geheugen is ingeschakeld.
|
|
Eindtijd ontvangst in geheugen
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Fax in map
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Naam
|
Voer de naam in van de doelmap waarin de faxgegevens worden opgeslagen.
|
|
Kana
|
Voer de naam in in Kana.
|
|
Pad naar map opgeven
|
Geef een locatie op waar de ontvangen gegevens opgeslagen worden (max. 254 tekens behalve /:,;*?<>│).
|
|
Gebruikersnaam aanmelden map
|
Voer de gebruikersnaam in die toegang geeft tot de map (max. 254 tekens).
|
|
Wachtwoord aanmelden map
|
Voer het wachtwoord in dat toegang geeft tot de map (max. 30 tekens).
|
|
Verbindingstest: de knop Testen
|
Controleert de verbinding met de map.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Fax in map
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Lege regels niet weergeven.
|
Wanneer dit vakje geselecteerd is, wordt alleen de geregistreerde informatie weergegeven.
|
|
Knop Bewerken
|
Het dialoogvenster E-mailadressen bewerken verschijnt. Vul Naam, Kana en E-mailadres in en klik dan op OK.
|
|
Knop Verwijderen
|
Verwijdert de geselecteerde geregistreerde informatie uit de lijst.
|
|
Knop Importeren
|
Importeert het bestand dat de informatie van de doelmap bevat.
|
|
Knop Exporteren
|
Slaat de geregistreerde informatie op als SYLK-bestand.
|
|
Verbindingstest: de knop Testen
|
Controleert de verbinding met de e-mailserver.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Doelmap bewerken
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Nummer
|
Het nummer voor het geselecteerde onderdeel wordt weergegeven.
|
|
Naam
|
Voer de naam van de doelmap in (tot 20 tekens).
|
|
Index
|
Voer de index voor de doelmap in (tot 20 tekens).
|
|
Bestandsdeling
|
Selecteer het communicatieprotocol dat wordt gebruikt om de gescande gegevens vanuit MS-netwerk (SMB) of FTP naar de doelmap te versturen.
|
|
Hostnaam
|
Voer de naam van de FTP-server waarop de doelmap zich bevindt, met de volgende notatie in (1 tot 107 tekens):
//“hostnaam”/“mappad”
Dit onderdeel wordt alleen ingeschakeld wanneer u FTP als Bestandsdeling selecteert.
|
|
Pad naar map
|
Voor MS-netwerk (SMB): Voer het pad van de doelmap in (1 tot 107 tekens).
Voor FTP: Voer het pad van de doelmap met de volgende notatie in (1 tot 107 tekens):
//“hostnaam”/“mappad”
N.B. Het 'mappad' kan worden weggelaten.
|
|
Anonieme naam
|
Schakel dit selectievakje in om de gescande gegevens naar de doelmap te sturen via anonieme FTP. Dit onderdeel wordt alleen ingeschakeld wanneer u FTP als Bestandsdeling selecteert.
|
|
Verificatienaam
|
Voer een naam voor verificatie in (tot 30 tekens).
|
|
Verificatiewachtwoord
|
Voer een wachtwoord voor verificatie in (tot 20 tekens).
|
|
Poortnummer
|
Voer het poortnummer voor FTP in (1 tot 65535 cijfers). Dit onderdeel wordt alleen ingeschakeld wanneer u FTP als Bestandsdeling selecteert.
|
|
Passieve modus gebruiken
|
Schakel dit selectievakje in om passieve modus voor FTP te gebruiken. Dit onderdeel wordt alleen ingeschakeld wanneer u FTP als Bestandsdeling selecteert.
|
|
Knop OK
|
Bewaart de instellingen.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
E-mail
E-mailinstellingen
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Maximumgrootte van bijgevoegde bestanden
|
Geeft de maximale grootte aan van ontvangen faxgegevens die aan een e-mail kunnen worden toegevoegd.
|
|
Onderwerp
|
Geeft het onderwerp aan van de e-mail (max. 63 tekens).
|
|
Verbindingstest: de knop Testen
|
Controleert de verbinding met de e-mailserver.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
E-mailadres
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Maximumgrootte van bijgevoegde bestanden
|
Geeft de maximale grootte aan van ontvangen faxgegevens die aan een e-mail kunnen worden toegevoegd.
|
|
Onderwerp
|
Geeft het onderwerp aan van de e-mail (max. 63 tekens).
|
|
Verbindingstest: de knop Testen
|
Controleert de verbinding met de e-mailserver.
|
|
Lege regels niet weergeven.
|
Wanneer deze functie geselecteerd is, wordt alleen de geregistreerde informatie weergegeven.
|
|
Knop Bewerken
|
Het dialoogvenster E-mailadressen bewerken verschijnt. Vul de gegevens in onder Naam, Kana en E-mailadres, en klik op OK.
|
|
Knop Verwijderen
|
Verwijdert de geselecteerde informatie van de lijst.
|
|
Knop Kopiëren
|
Kopieert de geregistreerde informatie.
|
|
Knop Plakken
|
Plakt de gekopieerde informatie.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
E-mailadressen bewerken
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Nummer
|
Het nummer voor het geselecteerde onderdeel wordt weergegeven.
|
|
Naam
|
Voer de naam in van het e-mailadres.
|
|
Kana
|
Voer de naam in in Kana.
|
|
E-mailadres
|
Voer het e-mailadres in.
|
|
Knop OK
|
Bewaart de instellingen.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
Ontvangst
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Ontvangstmodus
|
Selecteer de ontvangstmodus: Handmatig, Automatisch of F/T
|
|
Afdrukken
|
De functie voor het afdrukken van ontvangen faxen activeren.
|
|
Opslaan in postvak IN
|
De functie voor het opslaan van ontvangen faxen in Postvak IN activeren.
|
|
Opslaan op extern apparaat
|
De functie voor het opslaan van ontvangen faxen op een extern apparaat activeren.
|
|
Doorschakelen
|
De functie voor het doorsturen van ontvangen faxen activeren.
|
|
Doorsturen naar
|
Selecteer het adres of nummer voor het doorsturen van ontvangen faxen in de lijst met geregistreerde adressen van contactpersonen. Deze functie is beschikbaar als Doorschakelen is geactiveerd.
|
|
Opties indien doorsturen mislukt
|
Selecteer Afdrukken of Opslaan in postvak IN als bestemming wanneer het doorsturen van de ontvangen fax is mislukt.
|
|
Extern ontvangen
|
De functie voor het extern ontvangen van faxen activeren.
|
|
Startcode
|
Voer een startcode in wanneer u de functie voor extern ontvangen activeert (een tweecijferig getal).
|
|
Aantal belsignalen (telefoon)
|
Geeft aan na hoeveel belsignalen wordt opgenomen tijdens het ontvangen van een fax.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u eventuele wijzigingen.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Communicatie
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Communicatierapport
|
Dit rapport bevat verzendings- en ontvangstgegevens. U kunt aangeven of u wilt dat dit rapport na elke 50 transmissies automatisch wordt afgedrukt.
|
|
Verzendrapport
|
Dit rapport bevat verzendingsinformatie. U kunt aangeven of dit rapport moet worden afgedrukt na verzending.
|
|
Meervoudig verzendrapport
|
Dit rapport bevat verzendingsinformatie over meerdere verzendingen. U kunt aangeven of dit rapport moet worden afgedrukt na verzending.
|
|
Rapport doorgestuurde faxen
|
Geeft de instellingen aan voor het rapport van doorstuurresultaten.
|
|
Faxafbeelding bijvoegen bij rapport
|
Selecteer Aan om een faxminiatuur aan een rapport toe te voegen.
|
|
Faxlogboek automatisch afdrukken
|
Geeft de instellingen aan voor de rapportagefunctie voor het automatisch afdrukken van faxen: Lijst met verzend- en ontvangstdatums, Alle logboeken of Uit.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Details
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Pauzetijd
|
Geeft een pauze aan wanneer de pauzeerknop — als faxnummer wordt ingevoerd. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Lijneigenschappen
|
Geeft de spanningseigenschappen aan van de telefoonlijn die verbonden is met het toestel. Als een foutmelding aangeeft dat de aangesloten telefoon bezet is, moet u deze instelling mogelijk wijzigen. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Toonduur
|
U stelt de duur van de beltoon in als Toon geselecteerd is voor Kiezen. Als er geen verbinding tot stand kan worden gebracht, moet u deze instelling mogelijk wijzigen. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Tooninterval
|
U stelt de tussentijd van de beltoon in als Toon geselecteerd is voor Kiezen. Als er geen verbinding tot stand kan worden gebracht, moet u deze instelling mogelijk wijzigen. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
V.34-functie
|
Geeft aan faxcommunicatie met hoge snelheid met Super G3 (V.34) gebruikt wordt. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Ontvangstniveau 1
|
Geeft het signaalniveau aan waarmee faxen worden ontvangen. Dit onderdeel is alleen ingeschakeld als Automatisch omschakelen, Alleen fax, of Alleen telefoon is geselecteerd voor Ontvangstmodus. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Ontvangstniveau 2
|
Geeft het signaalniveau aan waarmee faxen worden ontvangen. Dit onderdeel is alleen ingeschakeld wanneer Antwoordapparaat geselecteerd is voor Ontvangstmodus. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Uitgaand niveau 1
|
Geeft het signaalniveau aan waarmee faxen worden verzonden. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Rapport communicatiedetails
|
Drukt de gedetailleerde verzendings- en ontvangstinformatie af voor elke berichtuitwisseling. Meestal hoeft u dit niet in te stellen.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Afdrukken
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Automatisch verkleinen
|
De functie voor automatisch verkleinen activeren.
|
|
Automatisch draaien
|
De functie voor automatisch roteren activeren.
|
|
Afdrukvolgorde
|
Selecteer de afdrukvolgorde: Normaal of Omkeren.
|
|
Tijd afdruk uitgesteld
|
De functie voor vertraagd afdrukken activeren.
|
|
Van
|
Geeft de tijd aan waarop het afdrukken wordt gestart.
|
|
Tot
|
Geeft de tijd aan waarop het afdrukken wordt gestopt.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u eventuele wijzigingen.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Beveiliging
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Beperkingen rechtstreeks kiezen
|
Stel deze functie in door Uitschakelen, Tweemaal invoeren of Aan te selecteren.
|
|
Bestemming(en) bevestigen
|
De functie voor het bevestigen van bestemmingen tijdens het verzenden activeren.
|
|
Wachtwoord postvak IN
|
De functie voor het instellen van een wachtwoord voor het Postvak IN activeren.
|
|
Knop Instellen...
|
Opent het scherm voor Postvak IN-instellingen. Voer het wachtwoord in dat u wilt instellen voor het Postvak IN.
|
|
Back-upgegevens automatisch wissen
|
De functie voor het automatisch wissen van back-upgegevens activeren.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u eventuele wijzigingen.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Faxnummer
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Weergegeven groep
|
Als u de groep selecteert, wordt alleen de geregistreerde informatie van de groep weergegeven in de lijst.
|
|
Knop Groepsnaam bewerken
|
Het dialoogvenster Groepsnaam bewerken verschijnt. U kunt de groepsnaam registreren of bewerken.
|
|
Lege regels niet weergeven.
|
Wanneer deze functie geselecteerd is, wordt alleen de geregistreerde informatie weergegeven.
|
|
Knop Bewerken
|
Het dialoogvenster Faxnummer bewerken verschijnt. Geef de volgende gegevens op en klik dan op OK: Naam, Kana, Faxnummer en selecteer Snelkiesnummer toewijzen en Groepsnummer toewijzen.
|
|
Knop Verwijderen
|
Verwijdert de geselecteerde informatie van de lijst.
|
|
Knop Kopiëren
|
Kopieert de geregistreerde informatie.
|
|
Knop Plakken
|
Plakt de gekopieerde informatie.
|
|
Knop Importeren
|
Importeert het bestand met e-mailadressen.
|
|
Knop Exporteren
|
Slaat de geregistreerde informatie op als SYLK-bestand (*.slk).
|
|
Alle adressen wissen: de knop Uitvoeren
|
Verwijdert alle geregistreerde informatie en sluit het dialoogvenster Apparaateigenschappen.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
Faxnummer bewerken
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Snelkiesnummer
|
Het nummer voor het geselecteerde onderdeel wordt weergegeven.
|
|
Naam
|
Voer de naam in van het faxnummer.
|
|
Index
|
Voer de naam in Index in.
|
|
Kana
|
Voer de naam in in Kana.
|
|
Snelkiesnummer toewijzen
|
Selecteer het nummer voor de snelkiestoets op het bedieningspaneel (tussen 01 en 12).
|
|
Groepsnummer toewijzen
|
Selecteer het nummer voor de groepsoproep (tussen G01 en G20).
|
|
Knop OK
|
Bewaart de instellingen.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
E-mailinstellingen
|
Parameter
|
Uitleg
|
|
Onderwerp
|
Hiermee wordt het onderwerp van de e-mail opgegeven.
|
|
Knop Verzenden
|
Hiermee geeft u de instellingen door aan de netwerkinterface.
|
|
Knop Annuleren
|
Hiermee annuleert u de eventuele wijzigingen die u hebt aangebracht.
|
|
Knop Help
|
Opent EpsonNet Config Help.
|
|  |